2007/02/01

voor walter


jij stoute lieve man, wij kennen je al zó lang als langs lopende vriend met de slechte benen van julie nota bene en in dit korte leven nog wel, als toevluchtsoord voor emmy in gevallen van nood, als petepa van charlie’s angel en als welkome gast bij sint hiëronymus en zijn geesteskinderen. wij herinneren vooral je goedertieren karakter en je zachte ogen blikken vol wijsheden.

omdat de tijd zo kort leek ging je snel door het leven en als gemeen man verkoos je de volkswagen boven alle anderen evenals juul. je verzamelde trouw postzegels voor je albums, die wij nooit te zien kregen en waarvoor je stad en land afreisde. nu lig je zelf tussen al die albums, maar thans als een bonte verzameling van foto’s met een speciale postzegel van het aardse paradijs.

je kon zo genieten van dit aardse leven, je kon de maaltijden smaken en genieten van de roemer gevuld met witte wijn. van een goed stuk vlees kon je nauwelijks afblijven en het verbaast me, dat je niet vaker last hebt gehad van een pootje. gerookt tot in den dood en je genoot van de trekjes aan den geurige toebak als ware het wierook, zelfs toen je slechter begon te lopen.

je eeuwige vriendje rakker, waarmee jij altijd een ommetje placht te maken, sprong ondanks zijn slechte rug telkens weer van blijdschap een gat in de lucht bij het zien van jouw markante persoonlijkheid. ook hij was het, die voorvoelde dat jij een groot geheim met je meedroeg, een geheim, dat je pas achteraf met ons wilde delen uit bezorgheid.

toen rakkie met zijn geheim overleed lichtte je zelf al een tipje van de sluier op door te zeggen, dat het baasje snel zou volgen. graag had je de promotie van je zoon nog meegemaakt en je zei zelf al lachend dat het er om zou spannen. je laat ons raden naar het mysterie van die onbekende grijze diva met het opgestoken haar, die je baa
r kuste en zei:"dankje wel walter voor al het goede".